rocherouge

alles over onze emigratie naar Frankrijk

NL
EN
 

maandag, 21 juni 2010

De hel is leuk !

Ik heb twintig jaar computercursussen gegeven bij bedrijven in heel Nederland. Aan ’t einde van een cursus deed ik mezelf vaak het blad ‘Huis & Aanbod’ cadeau, waarover ik in het vorige artikel schreef. Cursus geven betekende voor mij steevast stress. Allereerst omdat ik een hekel heb aan reizen door de Randstad en ten tweede omdat het onderwerp computers me niet werkelijk boeide. Ik ben er ooit mee begonnen omdat ik hou van jongensdingen, maar de werkelijke interesse zoals ik die waarneem bij mijn man ontbreekt bij mij. Ik ben in dat opzicht waarschijnlijk teveel vrouw: een computer is voor mij een handig ding en geen magische doos vol verrassingen. Wel brandt in mij het vuur van de docent, een gave die je nu eenmaal met je geboorte meekrijgt, dus ik kan alles uitleggen, zelfs dingen die ik niet begrijp.

Veel van mijn collega-docenten waren erg ontdaan als er gaten vielen in hun planning. Ik begreep dat nooit. Voor mij betekende iedere cursusdag weer 'n dag van huis, een of meerdere dagen niet kunnen schilderen en presteren want iedere cursus werd afgesloten met 'n evaluatie en 'n eindcijfer. Een van de functies van het evaluatieformulier was om de spanning bij de docent optimaal te houden en dat deed 't bij mij.

Het blad was zo groot dat ik 't alleen maar dubbelgevouwen tussen de snoeren en de voeding van m'n laptop kon proppen. Meestal reisde ik tussen Rotterdam en Utrecht. In 1992 waren de treinen nog niet zo overvol. Er was zelfs zoveel ruimte dat ik vaak 'n hele coupé voor mezelf had zodat ik m'n laptoptas naast me op een lege stoel kon zetten en m'n benen vrij kon bewegen.

Ik hing dan half over m'n tas en las het blad waar toen nog maar weinig plaatjes in stonden. Tijdens de veertig minuten durende reis van Utrecht naar Rotterdam droomde ik weg in zwart-wit foto's van oude boerderijen 'à restaurer avec une vue imprenable' en 'eau et electricité à proximité', o wat heerlijk toch. Het rook naar platteland en naar vrijheid. De foto's waren vaak slecht van kwaliteit en genomen vanuit de verkeerde hoek maar dat maakte het alleen maar leuker.

 
         
 

Bij aankomst in Rotterdam was ik altijd vol hoop en plannen. Nu moest 't er maar 's van komen. Maar 'n paar dagen later stond ik weer op 't grauwe treinstation van Rotterdam te wachten op 'n trein die me naar 'n ander overvol station bracht.

En terwijl ik me voortsleepte van de ene naar de andere goedbetaalde opdracht bleef ik steeds steken in dezelfde gedachte: waar haal ik het geld vandaan?

Ik droeg het blad vaak dagenlang mee in m'n tas zodat ik erin kon vluchten wanneer ik maar wilde. Als ik naar buiten keek aanschouwde ik de ramp die zich daar voltrok. In de jaren dat ik bijna dagelijks per trein door de Randstad reisde zag ik hoe historische plaatsjes en landschappen in het zogenaamde groene hart werden verzwolgen door veelvormige, eigentijdse, Hollandse lelijkheid. Zelfs een vrolijke lentezon kan de werkelijkheid van het totaal verziekte landschap niet verbloemen.

 

Het Groene Hart, best veel groen, maar waar is ’t hart?

De treinen werden voller en steeds vaker moest ik me een weg boksen naar een oncomfortabele en veel te krappe zitplaats. Soms zag ik om half acht ´s-morgens tussen de hollende, bellende en broodjes vretende rattenbende op Rotterdam Centraal 'n blinde die zich behoedzaam met tikkende stok tussen de menigte door naar de trein begaf. Wat 'n moed dacht ik dan. Als de trein het station binnenrolde drongen groepjes zich op voor de deur van de trein en dan begon de stoelendans. Er was weinig voor nodig om een totale gekte te ontketenen.

omanipadmehum

Het ergste was de uit een draaimolen ontsnapte dubbeldekker van Dordrecht naar Amsterdam. Kleine, groene stoeltjes met koude, leren zittingen waar je nooit been- of bilruimte had. In die tijd stond ik bijna dagelijks op het perron te dromen van een huisje in Frankrijk en smeekte God me uit deze ellende weg te halen. Ik was 'n gewilde docent, ik verdiende veel geld en toch was er ‘n big hole in my life.

O wacht even, dit was natuurlijk het Groene Hart!

Vanaf 2000 werd de vraag naar computercursussen minder. Veel collega-docenten namen de wijk naar het lagere of het voortgezet onderwijs en als freelance docent werd ik steeds vaker ingepland op cursussen die de vaste docenten van mijn opdrachtgevers niet wilden geven, omdat ze te moeilijk waren of omdat ze teveel voorbereiding vroegen. En toen verdween bij mij de zin helemaal. Ik probeerde steeds vaker onder cursussen uit te komen en had nog maar één gedachte: weg uit Nederland. In 2006 hakten we de knoop door en vertrokken we, een keuze waar we tot op de dag van vandaag geen spijt van hebben gehad.

We wonen nu vier jaar in Frankrijk, meestal gelukkig maar wel in steeds permanenter wordende geldnood. We hebben genoeg werk maar we kunnen de torenhoge lasten (les charges) maar net betalen. Ofwel, te rijk om financiële bijstand te krijgen en te arm om uit de kosten te komen, het typische probleem van kleine zelfstandigen in crisistijd. Zelfstandigen sneuvelen bij bosjes in Frankrijk en ik weet eerlijk gezegd niet hoe lang wij het nog volhouden. De Nederlandse en de Franse belastingdienst, de bank, de houtboer, de sécurité sociale, de EDF, de school, iedereen wil maar geld van ons en er valt gewoon niet meer tegenop te werken. Het ontroert me hoe vrienden en familie in Nederland ons terzijde staan met potjes pindakaas, koffie, hagelslag, vlokken, suiker, drop, verf, kleren, supermarktbonnen, computers en keiharde munten, het is om te huilen zo lief. Omdat we geen geld hebben voor originele cadeautjes deel ik tekeningen en schilderijen uit en ik hoop dan maar dat iedereen er blij mee is.

Een aantal Nederlandse vriendenstellen van ons gaan binnen nu en een paar maanden terug naar Nederland om hier niet meer terug te keren. Onvoldoende inkomsten, slecht weer en geen uitzicht op verbetering heeft bij sommigen de wil gebroken om door te vechten. De rek is er volledig uit en ik begrijp heel goed dat mensen nu terugkeren naar Nederland. Het ís daar in veel opzichten beter dan hier.

Maar voor ons ligt het anders. Laat ik ’t zo zeggen, ‘n Fransman met dezelfde problemen gaat toch ook niet emigreren naar Nederland? Waarom zou hij? Hij weet immers wat hij achterlaat. Volgend jaar wonen we vijf jaar in Frankrijk en mogen we de Franse nationaliteit aannemen wat we zeker zullen doen, ook als kaalgeplukte kippen. Er is maar één ding dat me hier kan wegjagen en dat is het aanhoudende slechte weer dat evenals de crisis een steeds permanenter karakter krijgt. Maar hoe dan ook, ik zou altijd zuidelijker trekken, nooit noordelijker.

Voor het moment rest mij weinig anders dan te vluchten in dingen die me werkelijk boeien. Allereerst de percussie. In tweeëneenhalf jaar tijd heb ik me op de djembé en doun (een Afrikaanse trommel) opgewerkt tot gevorderd percussioniste zodat ik tegenwoordig ook daarin lesgeef. De docent in mij is nu eenmaal alom tegenwoordig. M’n medespelers hebben zelfs speciaal voor mij een uitdrukking: ‘ça Maartje’, wat zij uitspreken als ‘sa mardzj’, een samentrekking van mijn naam op z’n Frans uitgesproken (mardzj) en het werkwoord marcher, ‘ça marche?’ (lukt het?) of ‘oui, ça marche’ (ja, het lukt), want op percussiegebied ben ik nu eenmaal onvermoeibaar en moeilijk te verslaan. De liefdevolle ironie in deze zegswijze is mij overigens niet ontgaan, maar het kan me niet schelen want de muziek maakt me blij.

De tweede vlam die sinds enkele maanden weer in alle hevigheid in mij is opgelaaid is het schilderen en niets of niemand kan me er nog van weerhouden om die koers te blijven varen. Ik ben tegenwoordig kunstschilder (artiste peintre) en schilder dus full-time. In Nederland viel ik behoorlijk op tussen het non-figuratieve, post menopauzale onderbuikgeklieder, waar de kunstenaars en galeries daar zo dol op zijn, maar verder dan dat kwam het meestal niet. Hier zijn het echter de galeries die mij bellen. Op dit moment braak ik schilderijen uit als haarballen. Overigens, de zichzelf de hemel in prijzende, zich van kunstjes bevrijde kunstenaarskliekjes heb je hier ook maar de variatie is groter zodat ik nu ook ’s aan bod kom.

Ik heb de afgelopen weken veel mails ontvangen van lezers die zich afvroegen waarom ik toch zo weinig schrijf tegenwoordig. Allereerst, het schrijven voor rocherouge staat nog altijd bovenaan mijn lijstje maar ik heb zoveel andere bezigheden dat ik soms weken met een artikel bezig ben. Je moet namelijk weten dat geen artikel gepubliceerd wordt zonder mijn uitdrukkelijke goedkeuring op punten, komma’s, spaties, deeltekens en andere ogenschijnlijke futiliteiten en dat kost nu eenmaal tijd. M’n betrokkenheid blijft echter onverminderd en ik ga dus door met schrijven, wanneer ik maar kan. En om te voorkomen dat dit verhaal weer weken blijft liggen omdat ik er maar geen eind aan kan breien heb ik besloten het te publiceren. Nu. Eind goed al goed.

 

Allemaal weggegooid geld

geplaatst door Maartje Heymans om 01:50  |  stuur een bericht

Volgende tekst ( 12sep) - Vorige tekst ( 29mrt )

 

Home

Intro

Tips

Columns

Videos

Galerie

Links

Contact (e-mail)


 
Juni 2010
- De hel is leuk

 

2010

December
November
September
Juni
Maart
Februari
Januari

2013 (1)
2012 (3)
2011 (2)
2010 (9)
2009 (15)
2008 (14)
2007 (14)
2006 (32)
 
Frans schoolsysteem bijgewerkt
Franse uitdrukkingen bijgewerkt